fbpx

Verhalen van de Nachtwacht #1 | Eiland

Akoesticum is slecht te zien voor de buitenwereld, terwijl het gebouw pal naast het station ligt. Dat viel me op bij mijn eerste bezoek. Toen ik laatst voor het eerst sinds langere tijd moest nachtwaken keek ik even op. Oja, schoot me te binnen, dat is ook zo. Nu de bomen uitlopen is het gebouw volledig onttrokken aan het zicht. Het verraste me omdat ik er voor het laatst was geweest in maart. Gewoonlijk werkte ik zonder onderbreking van zes weken. Dan is de overgang van winter naar lente zo geleidelijk dat het niet PAF! als verschil tussen dag en nacht voor me ligt wanneer ik er heen loop.

Dat verborgene geeft, wat mij betreft, een essentiële dimensie aan de sfeer. Ik liep door die tunnel van gebladerte en daar was ik, terug op het koninkrijkje waar alles is ingericht op muziek maken.

Op een zachte zomeravond liep ik eens door de tuin voor het gebouw. Die avond was zo warm dat het gras niet bedauwd was. Door de hoge temperatuur kon ik niet slapen. Zo liep ik daar, in een lucht doortrokken van geuren van aarde en planten, in de richting van het hek. Achter dat hek loopt de begroeide grond af. Na die bossages ligt de Klinkenbergerweg en, parallel daaraan een fietspad. Door het groen en de lager liggende weg waande ik me op een eiland. Ik draaide me om naar de kazerne. De plotseling wegschietende haas versterkte het eilandgevoel. Over het betegelde pad liep ik terug naar de ingang.

Grappig, dacht ik toen ik de zware voordeur dicht trok, ik ken geen andere plek in het binnenland die me aan een eiland doet denken. En dat terwijl Akoesticum zo’n honderd kilometer van zee vandaan is.

– De Nachtwacht

Tekst: Sebastiaan Mets
Illustratie: Marlijn van Zadelhoff

>> Lees hier Verhalen van de Nachtwacht #2 Ravijnen